Vandaag werd er in het Europees Parlement gestemd over nieuwe wetgeving voor het spoorvervoer. Deze wetgeving moet ervoor zorgen dat de markt van het spoorvervoer open wordt om goederenvervoer op het spoor in alle Europese landen een betere kans te geven. Het is noodzakelijk om goederenvervoer over het spoor als alternatief voor het wegvervoer verder te ontwikkelen. In heel Europa komen er nu sterke onafhankelijke toezichthouders die in de gaten moeten houden dat spoorvervoerders een eerlijke kans krijgen. In Nederland hebben we al zo´n toezichthouder, maar dat is lang nog niet overal in Europa. Naast nationale toezichthouders zal er ook een Europese toezichthouder of instantie bevoegdheden krijgen om de samenwerking tussen de verschillende nationale toezichthouders te coördineren.
Verder vrijgeven van het spoorvervoer mag niet betekenen dat de noodzakelijke samenwerking tussen onze infrastructuurbeheerder Prorail en spoorwegmaatschappij NS in gevaar zou komen. Vooral met bladeren op de rails, sneeuw en andere weersproblemen is het juist belangrijk dat deze twee met elkaar intensief samenwerken. Hier mag Europese regelgeving geen stokje voor steken. Mijn voorstel om samenwerking te bevorderen is aangenomen door het EP.
In deze stemming hebben we ook gevraagd of de Europese Commissie uiterlijk volgend jaar met een plan kan komen voor verdere liberalisering van de infrastructuurbeheerder en spoorwegmaatschappij. Tot op heden beschermen veel landen de eigen nationale spoorwegmaatschappijen. Door nieuwe wetgeving kan de markt verder (ook voor buitenlandse vervoerders) geopend worden. In Nederland kennen wij deze ontwikkeling al. Zo is ProRail, onze nationale infrastructuurbeheerder al in 2002 losgekoppeld van de goederenvervoerders. Betere mogelijkheden voor bijvoorbeeld goederenvervoer en regionaal vervoer op spoor was het gevolg.